De installatieverantwoordelijke (IV) is volgens NEN 3140 de persoon die verantwoordelijk is voor de technisch veilige bedrijfsvoering van een elektrische installatie. Techniek Nederland omschrijft de rol als het organiseren en beheren van onder meer de inspecties. NEN 3140 vereist dat elke installatie een installatieverantwoordelijke heeft; Bureau Veritas merkt op dat dit niet bij alle bedrijven specifiek is geregeld.
Taken van de IV
De installatieverantwoordelijke bewaakt dat de installatie veilig blijft tijdens gebruik, onderhoud en werkzaamheden. In de praktijk gaat het onder meer om:
- Inspectieplan: NEN 3140 bepaling 5.101.4 schrijft voor dat de IV met redenen omkleed vastlegt welk veiligheidsniveau wordt getoetst, welke (delen van) installaties worden geïnspecteerd, welke inspectiepunten gelden, hoeveel tijd er tussen inspecties zit, wat een representatieve steekproef is en welke meetmethoden en instrumenten worden gebruikt. Zie het inspectieplan.
- Inspectietermijn: de IV legt de definitieve termijn vast, binnen het maximum dat volgt uit NEN 3140 bijlage I; zie de RI&E en de inspectietermijn.
- Opvolging: de verantwoordelijkheid voor herstel van constateringen ligt volgens Informatieblad 22 altijd bij de installatie-eigenaar; de IV organiseert dat herstel en de herbeoordeling.
- Documentatie: Arbobesluit artikel 3.4 lid 3 eist dat van iedere elektrische installatie duidelijke, bijgewerkte schema's beschikbaar zijn; het beheer daarvan hoort bij de bedrijfsvoering.
Wie wijst de IV aan?
De werkgever wijst de installatieverantwoordelijke aan. Dat kan een eigen medewerker zijn, bijvoorbeeld het hoofd technische dienst, of een extern bureau dat de rol contractueel invult. Bij gehuurde panden is niet altijd vanzelfsprekend wie de IV levert; zie Scope 8: huurder of verhuurder?
Relatie met Scope 8
Een Scope 8 PI toetst de installatie, niet de organisatie eromheen. Bureau Veritas stelt dat de bedrijfsvoering als zodanig niet onder Scope 8 valt. Het inspectierapport is wel een belangrijk instrument voor de IV: het bevat sinds TD12 versie 8.4 het inspectieplan en de gehanteerde uitgangspunten, en het geeft een frequentieadvies voor de volgende inspectie. Een bedrijf dat wel laat inspecteren maar geen IV heeft benoemd, heeft daarmee nog geen complete NEN 3140-bedrijfsvoering (stand oktober 2026).