Het verschil zit in de afbakening, en die bepaalt welke SCIOS-inspectie van toepassing is. De elektrische installatie is het vaste geheel van netaansluiting, verdeelinrichtingen, bekabeling, schakelaars, contactdozen en vast aangesloten verbruikers. Dat is het object van Scope 8, de inspectie volgens NEN 3140 gericht op de veiligheid van personen. De grondslag is Arbobesluit artikel 3.4 over elektrische installaties.
Elektrische arbeidsmiddelen: Scope 9
Elektrische apparaten die niet vast zijn aangesloten, zoals elektrisch gereedschap, verlengsnoeren en "alle apparaten met een stekker" (MKB Servicedesk), heten in de Arbowetgeving arbeidsmiddelen. Zij vallen onder Scope 9, eveneens op basis van NEN 3140 maar met een eigen keuringstermijn per apparaat die uit de RI&E volgt, "van maanden tot jaren". De wettelijke grondslag is hier vooral Arbobesluit artikel 7.4a over de keuring van arbeidsmiddelen. Scope 9 zit niet in Scope 8 inbegrepen; Interpolis sluit de keuring van arbeidsmiddelen in zijn Scope 8-pakket uitdrukkelijk uit. Zie Scope 9 en arbeidsmiddelen.
Elektrisch materieel: Scope 10
Elektrisch materieel is het overkoepelende begrip uit NTA 8220 voor alles wat elektrisch is in een pand: de vaste installatie én de aangesloten apparatuur. Scope 10 beoordeelt dit materieel op brandrisico en is de inspectie die brandverzekeraars meestal vragen. Dezelfde contactdoos kan dus in een Scope 8 inspectie worden beoordeeld op aanrakingsveiligheid en in een Scope 10 inspectie op brandgevaar. Zie het verschil met Scope 10.
Waarom het onderscheid ertoe doet
De begrippen bepalen wat in uw inspectieplan staat en wat niet. Wie alleen Scope 8 laat uitvoeren, heeft de arbeidsmiddelen niet gekeurd en het brandrisico niet beoordeeld. Een overzicht van alle scopes staat bij andere SCIOS-scopes.