Een Scope 8-inspectie verloopt in zeven stappen: offerte, inspectieplan, voorbereiding, uitvoering op locatie, rapport, herstel met herbeoordeling en afmelding in het SCIOS-portaal. Reken voor de inspectie zelf, afhankelijk van het aantal verdeelinrichtingen, op enkele uren tot meerdere dagen (aanbieders publiceren hierover geen vaste tijden); het traject van offerte tot afmelding beslaat doorgaans weken tot maanden, vooral door het herstel van gebreken. Dit artikel beschrijft wat er in elke stap gebeurt en wat van u als opdrachtgever wordt verwacht (stand oktober 2026).
Stap 1: offerte
De prijs van een Scope 8-inspectie wordt vooral bepaald door het bruto vloeroppervlak, het aantal hoofd- en onderverdeelinrichtingen, de branche en de reistijd. Lever die gegevens bij de aanvraag aan, samen met het bouwjaar van de installatie en eventuele bijzonderheden zoals ruimten die niet spanningsloos kunnen. Controleer of het bedrijf voor Scope 8 is gecertificeerd (via het SCIOS-portaal of de SCIOS-app) en let op twee punten in de offerte. De afmelding in het SCIOS-portaal mag sinds 9 april 2025 niet apart worden geoffreerd; zij hoort bij de inspectie. En vraag hoe de herbeoordeling van herstelde gebreken wordt afgerekend: digitaal op basis van documenten of op locatie. Zie offerte aanvragen.
Stap 2: het inspectieplan
Elke Scope 8-inspectie wordt uitgevoerd volgens een inspectieplan, dat sinds TD12 versie 8.4 (januari 2025) verplicht onderdeel is van het rapport. Het plan legt vast: de installatiegegevens (identificatiecode, stelsel, netaansluiting, jaar van aanleg), de normen en versies waaraan wordt getoetst, de inspectiefrequentie, de omvang van de inspectie en de steekproef, de procedure bij direct gevaar en specifieke risico's. NEN 3140 bepaling 5.101.4 legt de keuzes daarin formeel bij de installatieverantwoordelijke van de opdrachtgever; in de praktijk stelt het inspectiebedrijf het plan op en stemt het met u af.
Twee punten verdienen aandacht. Bureau Veritas en Socotec melden dat een bestaande installatie wordt getoetst aan de NEN 1010-versie die gold bij de aanleg; daarom staat het jaar van aanleg in het plan. En de steekproef: verdeelinrichtingen worden altijd volledig beoordeeld, de rest van de installatie kan volgens NEN 3140 bijlage J steekproefsgewijs worden gecontroleerd. TD12 raadt aan om bij een installatie zonder eerdere EBI een PI zonder steekproef uit te voeren; de installatie-eigenaar bepaalt of daarvan wordt afgeweken. Zie het inspectieplan.
Stap 3: voorbereiding
Zorg dat tekeningen, groepenverklaringen en schema's beschikbaar zijn; het Arbobesluit (artikel 3.4 lid 3) eist van iedere installatie "duidelijke, steeds bijgewerkte schema's", en ontbrekende documentatie is een van de vaker genoemde gebreken. Maak verdeelinrichtingen en technische ruimten toegankelijk en plan met het inspectiebedrijf wanneer de installatie spanningsloos kan: metingen aan de verdeelinrichting vereisen volgens de inspectieprotocollen dat deze spanningsloos wordt gemaakt, in overleg met de opdrachtgever. Informeer medewerkers en denk aan apparatuur die niet zomaar uit mag. Zie voorbereidingen.
Stap 4: de inspectie op locatie
De inspecteur werkt volgens TD12 en NEN 3140 bepaling 5.101.5 en doorloopt vier onderdelen:
- Controle van de aanleg ten opzichte van omgeving en gebruik: past de installatie bij de ruimte en het huidige gebruik, bijvoorbeeld de beschermingsgraad in vochtige ruimten.
- Controle van documentatie: kloppen schema's en groepenverklaringen met de werkelijkheid.
- Visuele inspectie: beschadigingen, afschermingen, verbindingen, kenmerking, tekenen van oververhitting.
- Metingen en beproevingen: in een TD12-conform voorbeeldrapport zijn dat circuitimpedantie, isolatieweerstand van eindgroepen, uitschakeltijd en testknop van de aardlekbeveiliging, en de ononderbroken beschermingsleiding en vereffening. De meetmiddelen moeten voldoen aan TD17.
Thermografie is bij Scope 8 geen verplicht onderdeel; veel bedrijven bieden het als aanvulling aan. Constateert de inspecteur direct gevaar (classificatie rood), dan meldt hij dat volgens IB22 direct mondeling én schriftelijk.
Stap 5: het rapport
Het rapport bevat het inspectieplan, de versies van de gebruikte documenten, de meetstaten, de geconstateerde gebreken en het advies voor de volgende inspectietermijn. Elk gebrek krijgt een classificatie volgens Informatieblad 22: rood (ernstig, direct veiligstellen), oranje (serieus) en geel (gering) zijn constateringen met een richttermijn voor herstel van drie maanden; blauw is een opmerking zonder hersteltermijn die niet meetelt voor het inspectieresultaat. Omega Energietechniek levert het rapport binnen vijf werkdagen; andere bedrijven hanteren vergelijkbare termijnen. Zie constateringen en opmerkingen.
Stap 6: herstel en herbeoordeling
Volgens IB22 ligt de verantwoordelijkheid voor herstel altijd bij de installatie-eigenaar. U schakelt een installateur in, die per gebrek een herstelverklaring met foto of ander bewijs invult. Het inspectiebedrijf beoordeelt die hersteldocumentatie (IB24 1.3: een herstelverklaring alleen volstaat niet) digitaal of komt opnieuw langs; bij afwijkende metingen is een herinspectie op locatie gebruikelijk. Herstel inclusief herbeoordeling moet binnen twaalf maanden na de inspectiedatum zijn afgerond, anders kan het inspectieresultaat niet meer worden aangepast.
Stap 7: afmelding in het SCIOS-portaal
Sinds 1 april 2024 is het inspectiebedrijf verplicht elke Scope 8 PI en EBI af te melden in het SCIOS-portaal; sinds 1 mei 2026 geldt elke niet-afmelding als kritische tekortkoming voor het bedrijf. Zijn er alleen opmerkingen, dan wordt de inspectie "zonder constateringen" afgemeld; bij rode, oranje of gele gebreken "met constateringen", totdat herstel en herbeoordeling zijn afgerond. U ontvangt geen apart document van SCIOS: het rapport en de afmelding zijn samen het resultaat, dat verzekeraars vaak een "SCIOS-verklaring" noemen. Vraag uw verzekeraar of tussenpersoon of zij het rapport of de herstelverklaring willen ontvangen. Zie wat gebeurt er na afloop van de inspectie?.